Frans, interieurbouwer
In 2018 gaat Frans langs bij de KNO-arts voor een hardnekkige verkoudheid waar hij maar niet vanaf komt. In het ziekenhuis komt vrijwel onmiddellijk een oordeel dat zijn wereld op de kop zet. Met een cameraatje wordt in Frans’ neus gekeken en hij hoort: “Dat ziet er niet goed uit”. Binnen twee dagen volgt onderzoek in het Radboud MC in Nijmegen en een week later gaat hij onder het mes. De diagnose: neus(bijholte)kanker door houtstof.

Er was altijd houtstof
Frans: “De arts vroeg gelijk al of ik met hout had gewerkt. Nou dat kun je wel zeggen! Op mijn 17e ben ik begonnen in de interieurbouw. Zagen, frezen, boren: de houtstof was er altijd. We maakten interieurs voor winkels en kantoren, en af en toe voor grote particuliere huizen. Destijds was er in de werkplaats nog geen afzuiging. Later kwam dat wel: afzuiging op de machines en na mijn tijd ook goede afzuiging boven de werkbanken. Maar in mijn tijd was dat er allemaal niet, of heel beperkt, dus je zat heel veel tussen de houtstof. Ik had wel een mondkapje, maar daar kroop het stof gewoon langs naar binnen.”
“Ik voel het iedere dag”
Na de operatie volgt een jaar dat Frans beschrijft als topsport. “De operatie duurde lang, 12 uur! Ze hebben mijn gezicht opengelegd, de tumor weggehaald en aan de zijkant van mijn gezicht en in mijn nek zijn lymfeklieren verwijderd. En toen begon het pas: zeven weken lang ben ik iedere dag bestraald en tegelijkertijd kreeg ik elke week chemo”.
Er volgen maanden van sondevoeding, een aangepast gebit en heel veel bloedneuzen. “En nog, dat gaat maar door”, vertelt zijn vrouw. Door de operatie is hij slechter gaan horen en het reukvermogen is verdwenen. “Je voelt het iedere dag, maar je leert ermee leven”, zegt Frans. “Nu ik het er zo over heb realiseer ik me pas: het was toch wel behoorlijk heftig.”
Spoelen
Nu, acht jaar later, is Frans kankervrij, maar een deel van de dag staat nog steeds in het teken van de gevolgen van de ziekte. “Ik moet een paar keer per dag spoelen, de KNO-arts spoelt mijn gezicht ieder kwartaal en ik heb nog iedere week oedeem-therapie. Mijn gezicht kan alle vocht en prut niet meer zelf afvoeren.”
Frans en zijn vrouw gaan niet bij de pakken neerzitten. Ze gaan er samen nog steeds op uit, ook met de camper.